

Wildzwijn als boomstronk op de bosbodem
Van wildzwijngehakt maak je hier een boomstronk: een spiraalrol van fijne farce, savooiekool en gerookte duxelles die je strak oprolt, zodat elke plak jaarringen laat zien. Een deel van het gehakt bak je eerst hard uit en gaat koud door de farce, voor een gebraden smaak in een fluwelige rol. Na het garen in stoom en afkoelen snijd je hem in plakken en schroei je beide snijvlakken op het vuur, en dan staat hij rechtop op het bord als een gevelde stronk. Het hele bord eromheen is bosbodem, en elk element is gewoon eten: gerookte duxelles, een aarde van boekweit en kastanje, een groene kruidenbiscuit als mos, bramen rauw en gegrild, ingelegde beukenzwam, gefrituurde zwarte trompet en rozemarijn, peterseliewortelcrème en zuurkool in bruine boter als lichte tonen. Een bramenjus met jeneverbesolie bindt het samen. We ontwikkelden dit gerecht voor het EK Culinair Wild BBQ 2026 op De Hoge Veluwe.
Gerookte duxelles
- 500 gkastanjechampignons
- 60 gsjalot
- 15 groomboter
- 25 gwitte wijn
- 2 gtijm
- 3 gfijn zout
Farce
- 500 gwildzwijngehakt
- 75 gkoude slagroom
- 30 geiwit
- 7 gfijn zout
- 1 gzwarte peper
- 0,5 gjeneverbessen, geroosterd en gevijzeld
Kool
- 1 savooiekool
- 20 groomboter, gesmolten
Bosaarde
- 30 groomboter
- 8 gbruine basterdsuiker
- 3 gfijn zout
- 5 gpaddenstoelenpoeder
- 1 gbakpoeder
- 50 gbloem
- 25 gboekweitmeel
- 25 gkastanjemeel
Groen mos
- 3 eieren
- 30 geiwit
- 60 gbloem
- 30 gneutrale olie
- 40 gpeterselie
- 30 gspinazie
- 20 gkervel
- 3 gfijn zout
Preischors
- 2 preien, alleen de buitenste bladen
Bramenjus
- 400 gwildfond
- 120 gbramen
- 40 gsjalot
- 60 grode wijn
- 1,5 gagar
Jeneverbesolie
- 80 gneutrale olie
- 3 gjeneverbessen, geroosterd en gekneusd
Bramen
- 80 gbramen
- 30 gsuiker
- 30 gappelazijn
- 1 gjeneverbessen
Ingelegde zwammetjes
- 75 gkleine beukenzwam
- 75 gwater
- 75 gwitte-wijnazijn
- 20 gsuiker
- 5 gfijn zout
Trompet en naalden
- 15 ggedroogde zwarte trompet
- 10 grozemarijnnaalden
- 200 gneutrale olie
- 2 gfijn zout
Peterseliewortelcrème
- 300 gpeterseliewortel
- 150 gmelk
- 50 gwater
- 3 gfijn zout
- 20 groomboter
- 1 gxanthaan
Zuurkool
- 100 gzuurkool
- 20 groomboter
Afwerking
- 5 gmorieljepoeder
- 10 gzuring
Materiaal


- Duxelles
Leg de champignons 15 minuten op het rooster van de kamado met het deksel dicht, zodat ze rook pakken. Hak ze met de sjalot heel fijn en bak ze in boter droog tot al het vocht weg is. Blus met de wijn, bak weer droog en breng op smaak met tijm en zout. Laat afkoelen. Houd 100 g apart voor de rol.
- Farce
Bak 75 g van het gehakt hard en krokant uit in een gietijzeren pan en laat het helemaal afkoelen. Mix het rauwe gehakt kort met zout, peper, jeneverbes, de koude room en het eiwit tot een fijne, plakkerige farce. Zet de kom op ijs en spatel het gebakken gehakt er als laatste door. Houd alles koud: warme farce bindt niet.
- Kool
Haal de buitenste bladen van de kool, snijd de dikke nerf eruit en blancheer ze een minuut. Leg ze in ijswater, dep ze goed droog en bestrijk de binnenkant dun met boter.
- Rol bouwen
Leg op bakpapier een rechthoek van 25 bij 40 cm van overlappende koolbladen, boterkant boven. Strijk de farce er 3 mm dik over uit met een natte spatel en strijk de duxelles er dun overheen. Rol het geheel met het bakpapier als sushimatje strak op over de lange kant. Haal het papier weg, rol de rol in huishoudfolie en draai de uiteinden tegen elkaar in tot hij strak en rond staat. Wikkel er twee lagen aluminiumfolie omheen.
- Garen in stoom
Zet de rol in de gietijzeren pan op een rooster boven 2 cm water, deksel erop, en gaar hem in de kamado op 150 °C tot 72 °C kern, ±50 minuten. Laat hem in de folie helemaal afkoelen en pak hem pas uit als hij koud is; dan blijft hij rond.
- Bosaarde
Wrijf alle ingrediënten tot een kruimelig deeg, verdeel het los over een bakplaat en bak 25 minuten op 150 °C. Laat afkoelen en verkruimel met de hand.
- Mos
Blancheer de kruiden kort, laat ze schrikken in ijswater en knijp ze goed uit. Mix ze met de eieren, het eiwit, de bloem, de olie en het zout tot een felgroen beslag. Giet het dun in een ingevette gietijzeren pan en bak 10 minuten op 180 °C. Scheur het in stukken en laat ze aan de rand van de kamado nadrogen.
- Preischors
Halveer de preibladen in de lengte en gril ze op de Ofyr tot ze donker zijn en krullen. Laat ze drogen tot ze bros zijn en breek ze in stukken.
- Bramenjus en olie
Zet de sjalot en de bramen aan, blus met de wijn en kook in. Giet de fond erbij, laat 30 minuten trekken, zeef en kook in tot lepeldik. Klop de agar erdoor en laat een minuut doorkoken; op het bord zet de jus dan licht op in plaats van uit te lopen. Laat voor de olie de jeneverbessen 20 minuten in warme olie trekken en zeef.
- Bramen en zwammetjes
Kook suiker, azijn en jeneverbes tot een siroop, haal de bramen er 10 seconden doorheen en laat uitlekken. De helft blijft rauw, de andere helft gril je vlak voor het opmaken kort op de Ofyr. Snijd de steeltjes van de beukenzwam grotendeels weg, zodat de hoedjes blijven staan, en giet het gekookte zuur erover. Laat 30 minuten staan.
- Peterseliewortelcrème
Kook de geschilde peterseliewortel zacht in melk en water. Giet af, bewaar het vocht, en mix de wortel glad met de boter en een scheut kookvocht. Zeef, mix de xanthaan erdoor en doe hem in de spuitzak.
- Trompet en naalden
Verhit de olie tot 170 °C. Frituur de trompetten heel, 20 seconden, en de rozemarijnnaalden 10 seconden. Laat uitlekken op keukenpapier en zout ze.
- Stronk
Snijd de koude rol in plakken van 2,5 cm. Schroei beide snijvlakken 2 minuten hard op de Ofyr, tot het buitenblad donker kleurt. Laat ze lauw worden.
- Zuurkool
Knijp de zuurkool uit, laat de boter in een pannetje nootbruin worden en schep de zuurkool er twee minuten door.
- Opmaken
Zet de stronk rechtop, net uit het midden van het bord. Verdeel er de bosbodem omheen in vlakken: duxelles, bosaarde, mos met een stofje morieljepoeder, bramen, groepjes zwammetjes, preischors tegen de stronk, trompet, toefjes peterseliewortelcrème, plukjes zuurkool, rozemarijnnaalden en zuring. Schep de jus ruim naast de stronk en druppel er jeneverbesolie op. Lauw serveren.
Leer alles over je kamado
Een kamado BBQ kan veel meer dan grillen alleen. In de Kamado Workshop van Buiten.studio leer je in 4 tot 5 uur de technieken die je nodig hebt: aansteken, temperatuur beheersen, roken en bakken.
Waarom de rol in stoom gaart
Garen in water geeft twee problemen: water dringt via de folie naar binnen en de buitenkant gaart veel sneller dan het hart. In stoom op een rooster boven een laagje water blijft de rol droog en gaart hij gelijkmatig door. Het strak oprollen in huishoudfolie en de uiteinden tegen elkaar in draaien zorgt ervoor dat de rol rond blijft, en daardoor wordt de spiraal in de plak zo strak.
Waarom 72 °C
Wildzwijn kan trichinen bevatten, en gehakt moet altijd door en door gaar. Op 72 °C in het hart zit je veilig. De room en het eiwit in de farce zorgen dat de rol op die temperatuur nog steeds sappig is.

















