

Pindasaus
Zelfgemaakte pindasaus zoals hij hoort: een verse boemboe van ui, knoflook, chili en trassi, gebakken tot hij geurt, met pindakaas, santen en ketjap. Dikker, dieper en pittiger dan alles uit een pot — en je vriest hem zo in voor de volgende saté-avond.
- 1 ui, gesnipperd
- 2 tenenknoflook, gehakt
- 2 chilipepers, gehakt
- 1 elsuiker
- 1 tlzout
- 5 gtrassi
- zonnebloemolie
- 3 kaffirlimoenblaadjes (toko)
- 500 gpindakaas met stukjes noot
- 2 elketjap manis (of naar smaak)
- peper
- 50 gsanten, fijngehakt
- 200 mlwarm water (extra naar behoefte)
- sap van 1/2 citroen (of naar smaak)
- 1 tlsuiker (optioneel)
- Maak de boemboe
Maal de ui, knoflook, chilipepers, suiker, zout en trassi in een keukenmachine of vijzel fijn tot een pasta.
- Bak de boemboe
Verhit een dun laagje zonnebloemolie in een steelpan en bak de boemboe met de kaffirlimoenblaadjes tot het mengsel begint te binden en geurig wordt.
- Pindakaas toevoegen
Voeg de pindakaas, ketjap manis en een snufje peper toe en roerbak een minuut mee.
- Santen oplossen
Los de fijngehakte santen op in het warme water.
- Saus binden
Zet het vuur lager tot matig en voeg al roerend het santenmengsel langzaam toe aan het pindakaasmengsel. Laat indikken en voeg geleidelijk water toe tot de gewenste dikte is bereikt.
- Op smaak brengen
Voeg naar smaak citroensap toe en eventueel nog een theelepel suiker. Proef en pas de smaak indien nodig aan.
De boemboe is het fundament
Het verschil met pindasaus uit een pot zit in de eerste stap: ui, knoflook, chili, trassi en suiker, fijngemalen en gebakken tot de rauwe geur verdwijnt en de olie loskomt. Die paar minuten bakken bepalen de diepgang van de hele saus — neem er de tijd voor.
Santen: kokos als smeermiddel
Santen is geconcentreerde kokosroom in blokvorm; opgelost in warm water maakt hij de saus romig en rond zonder hem zoet te maken. Geen santen in huis? Dikke kokosmelk uit blik werkt ook — gebruik dan het romige deel bovenin.
Dikte stuur je met water
De saus dikt in terwijl hij staat en nog eens extra in de koelkast. Leng hem bij het opwarmen aan met scheutjes warm water tot hij van de lepel loopt zoals jij hem wilt — over saté iets dikker, als dipsaus iets dunner.

















